Gedachten…

gedachten

Je kent het vast wel, soms gebeurt er iets en/of heb je stress en blijft dat maar

doormalen in je hoofd. Je gedachten maken de ene associatie na de andere en er lijkt maar geen eind aan te komen. Je hebt al honderd keer hetzelfde kringetje gelopen in je gedachten in de hoop een nieuwe verklaring te vinden, iets wat je kan helpen de situatie te begrijpen of op te kunnen lossen.

Dit kost energie, veel energie..

De vraag die je jezelf in zo’n geval kunt stellen is:
1 Wat levert het me op? Het kost veel energie, maar misschien brengt het je ook wel wat.
2 Helpt het me vooruit? Brengt al dit gepieker (want dat is het toch echt!) een oplossing?
3 Maakt het me sterk of zwak? Zorgt het nadenken voor meer positieve energie dan dat het je kost?

Wanneer je bij het beantwoorden van bovenstaande vragen het idee krijgt dat je je gepieker beter kunt stoppen, lees dan verder!

De vijf stappen naar een leeg hoofd

Een leeg hoofd, kan dat eigenlijk? Ja hoor, voor een paar seconden… 
Helaas, langer niet. Toch brengt dit al heel veel ruimte. En als je echt goed oefent, lukt het misschien wel langer!

Omdat heel veel gedachten ons vooral energie kosten en niets opleveren (behalve een vervelend gevoel en heel vaak een negatief zelfbeeld) is het handig als je leert om de gedachtestroom zo nu en dan ook stop te zetten.  Hierbij krijg je in vijf stappen een handleiding naar rust in je hoofd.

1. Neem even de tijd, ga op een rustige plek zitten en doe je telefoon uit.
2. Observeer eens wat er allemaal in je hoofd omgaat. Observeren is een neutrale aangelegenheid. Dus zet die oordelen (negatief én positief) even uit! Kijk gewoon eens wat er voorbij komt in je hoofd. Het is er namelijk toch al, dus dan kun je evengoed even de tijd nemen om het te bekijken.
3. Als je een gedachte ziet of hoort of voelt of hoe dat bij jou ook maar werkt, blijf je er even met je aandacht bij. Begroet je gedachte met een ‘hallo gedachte, ik zie jou (voel jou/ hoor jou)’ of maak zelf een dergelijke tekst die bij jou past.
4. Laat daarna je gedachte ook los. Misschien is ie dan meteen weg, misschien wil je hem aan een ballon weg laten vliegen of in de prullenbak gooien of komt er iets anders bij je op. Doe dat!
5. Als je gedachte dan weg is kijk je of er nog meer gedachten zijn die een zelfde behandeling vragen. Is dat niet het geval focus je dan op je lichaam. Voel de sensaties die er zijn, voel de zwaarte en je contact met de grond en je stoel, voel je ademhaling.

Wat je met deze stappen vermijdt, is dat je door gaat denken op je gedachtes. Je stopt de associaties die we allemaal hebben, en die een stroom van gedachten veroorzaken die vaak grotendeels niet relevant zijn. Dit is wat je energie kost. Niet de gedachte op zich, maar het steeds verder en verder doordenken.

Tsja, en nu heb je de stappen gelezen. Misschien heb je vragen of bedenkingen (!) of misschien denk je dat het goede stappen zijn en dat het  (waarschijnlijk) werkt. Kom dan nu in actie, en doe ze meteen!

Ruimte en tijd om te leren

board-784355_1280Een leerproces heeft in principe vier fases.

Allereerst ben je onbewust onbekwaam. Je weet nog niet wat je niet weet of kunt. Als je een klein kind bent dan weet je nog niet dat je niet kunt autorijden. Je hebt nog niet geleerd dat je dat later kunt leren als je 18 bent (of 16 inmiddels?!). Je mist er niets aan en het houdt je niet bezig.

Als je ouder wordt dan merk je op dat je oudere broer of zus een rijbewijs haalt en dat jij dat straks ook mag gaan doen als je de juiste leeftijd bereikt. Je weet dat je iets niet kunt en daarmee ben je bewust onbekwaam. Dit is de fase waarin je de keuze maakt om wel of geen lessen te nemen en je rijbewijs te halen. Dit is ook de fase van de eerste lessen waarbij je erg aanloopt tegen dat wat je nog niet kunt. Dit is de vervelendste fase omdat je wel weet of ziet hoe het moet maar het je zelf nog niet lukt.

Na oefening leer je vervolgens de auto beheersen, je krijgt meer inzicht in het verkeer en je hebt het spiegelkijken onder controle. Je mag examen doen en je haalt je rijbewijs. Je mag nu zelf een auto besturen en voelt je natuurlijk geweldig! Toch moet je nog erg opletten wat je doet en in de andere auto(‘s) waarin je gaat rijden moet je eerst weer flink wennen en je hoofd erbij houden. Je bent nu bewust bekwaam.

Als je dan een jaar later op je kilometerteller kijkt en ziet dat die toch best al veel verder staat kun je vast concluderen dat het autorijden al veel gemakkelijker is. Je hoeft niet meer bij elke handeling na te denken, het schakelen gaat vanzelf en je vaste routes zitten al helemaal in je systeem.
Je bent onbewust bekwaam geworden.

Wanneer je deze fase hebt bereikt kun je ook best weer eens even teruggeworpen worden als je bijvoorbeeld een slipcursus gaat doen. Je moet je dan eerst weer bewust bekwamen tot je de nieuwe techniek onder de knie hebt.

Met name de tweede fase van dit leerproces, het bewust onbekwaam zijn, is een erg vervelende  tijd. Je weet of ziet hoe het moet maar je kunt het nog niet. Hier is het belangrijk om te oefenen. De vraag is: gun jij jezelf het oefenen? Of moet jij alles in één keer kunnen?

Een mooi voorbeeld hiervan is hoe kinderen leren pakken, kruipen, lopen etc.. Als ze bij de eerste tegenslag op zouden geven dan zouden ze nooit iets leren. Een kind gaat door, net zolang tot het lukt. Je hebt dus al bewezen dat je kunt oefenen (je kunt toch lopen en praten?), gun jezelf dat ook nu je volwassen bent!

Door dit leerproces te kennen en te herkennen wordt het vaak al wat gemakkelijker om jezelf de ruimte te geven. Door te erkennen dat er een fase is waarin het best moeilijk is, maak je het jezelf al gemakkelijker en geef je jezelf de ruimte om te leren. Daardoor kun je milder zijn voor jezelf.

Veel leerplezier!

Hoe zie jij de wereld?

Als we geboren worden, komen we met een redelijk open blik op de wereld. Je hebt nog niet veel meegemaakt. Tot nu toe was je één met je moeder en had je nog niet door dat je zelf iemand was. Uiteraard heb je al wel van alles meegekregen in de baarmoeder wat al heel vormend is en de impact van de geboorte die volgt is ook enorm. In de jaren daarna doe je nog op veel meer plekken ervaringen op.

In het contact met je ouders, de manier waarop zij je opvoeden, krijg je al een kijk op jouw wereld. Hoe gaan je ouders met je om? Hoe reageren ze op je? En hoe verzorgen ze je? Iedere ouder doet dat naar zijn beste weten en kunnen en de meeste ouders willen het graag goed doen. Toch brengen ook onze ouders hun eigen opvoeding mee en zo is iedereen uniek in het opvoeden.

Je krijgt ook meer te maken met je familie, of juist met de afwezigheid daarvan. Hoe jouw ouders met familie en vrienden omgaan laat jou zien hoe dingen werken, hoe relaties werken. Door logeerpartijtjes leer je ook hoe het er bij anderen aan toe gaat en misschien heb je wel een oma als oppas. Je leert de patronen en overtuigingen in je familie kennen en je neemt gedragingen over.

Ook wat je leert in de tijd dat je verschillende scholen bezoekt heeft een grote invloed op hoe jij de wereld ziet. Hoe jij vertrouwen hebt in mensen en gebeurtenissen en hoe je over bepaalde dingen denkt, wordt steeds meer gevormd en bevestigd met ervaringen.

Onze cultuur en religie en omgeving zorgen ook voor ervaringen die je krijgt en met je meedraagt. Het leert je hoe je omgaat met anderen in jouw omgeving en is afhankelijk van onder andere de plaats waar je geboren wordt.

Al deze aspecten hebben invloed op hoe jij de wereld ziet, op jouw referentiekader. De meeste situaties die je dagelijks tegenkomt heb je op de een of andere manier al eerder meegemaakt en activeren daardoor je eerdere herinnering. Als deze positief was, zal je de situatie over het algemeen ook weer positief ervaren. Als deze herinnering negatief was, is de kans groot dat je het nu ook weer zo gaat ervaren.

Zonder dat je het dus direct door hebt, kleurt alles wat je eerder meemaakte je wereld van nu. Daarom is het goed om eens stil te staan bij je gevoelens en gedachten over bepaalde gebeurtenissen waar je wel of niet blij mee bent. Als je bewust wordt van waar het vandaan komt, kun je ook kiezen of je deze ‘herinnering’ prettig vindt of niet. Zo niet dan kun je kiezen om je beeld aan te passen voor een voor jou betere reactie.

Iedereen heeft zo op zijn of haar eigen wijze een referentiekader opgebouwd en reageert vanuit zijn of haar herinneringen. Als je je dat bewust bent, kun je je vaak ook voorstellen dat iedereen een andere reactie heeft op een situatie. Dat maakt omgang met iemand die vervelend op jou of een situatie reageert een stuk gemakkelijker en maakt je eigen ontwikkeling mogelijk!

Wil jij ook hulp bij het aanpassen van je wereldbeeld? Het lijkt misschien moeilijk maar met behulp van een coach kan het vaak best gemakkelijk worden om het vanuit een ander perspectief te zien. Ook in de sessies in de praktijk is er veel mogelijk dus bespreek het eens tijdens je volgende consult of maak een afspraak!

In zeven stappen naar succesvolle goede voornemens

Maak jij voor een nieuw jaar ook altijd goede voornemens? En? Slagen die? In heel veel gevallen doe je in de eerste week heel erg je best, in de tweede week komen er al scheurtjes in je nobele streven en soms al na drie weken geef je het op. Het lukt niet.

De klassieke voornemens  als: ‘ik wil stoppen met roken’ of ‘ik wil afvallen’ mislukken aantoonbaar in de meeste gevallen. Hoe komt dit? Er zijn meerdere factoren die je goede voornemens substantieel meer kans van slagen geven. Je vindt ze hier in zeven stappen.

Stap 1: Allereerst is het belangrijk dat je je doel op een krachtige manier formuleert. Doe dit door je doel positief te formuleren. Bijvoorbeeld ‘ik ben gezond en heb een goede conditie’ in plaats van ‘ik wil stoppen met roken’ of ‘ik wil meer sporten’. Je legt dan de focus op wat je wèl wilt en dat wat aandacht krijgt groeit. Ook werken onze hersenen zo dat het woordje ‘niet’ in de opslag overgeslagen wordt. Oftewel, als je ‘niet meer wilt snoepen’ onthouden je hersenen dat je ‘meer wilt snoepen’. Vandaar dat een goede formulering al een heel krachtig instrument is om een succes te maken van je voornemen!

Stap 2: Je doel wordt nog krachtiger als je het ook SMART maakt. Maak je doel Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden. Zorg er dus voor dat je duidelijk, specifiek aangeeft wat je wilt. In plaats van ‘ik wil afvallen’ formuleer je ‘ik ben 70 kilogram’. Meetbaar maak je je doel door aan te geven wanneer je je doel (of eerste kleine stapjes) bereikt wilt hebben, door een frequentie aan te geven of bijvoorbeeld heel specifiek inplannen. Je kunt dan meten of je het gehaald hebt en dat maakt het gemakkelijker. Maak het doel ook acceptabel. Zorg ervoor dat je je doel zo formuleert dat ook je omgeving ermee akkoord kan gaan en het haalbaar is. Je kunt wel een fitnessruimte willen inrichten in je huis om meer conditie op te doen, maar als je klein woont en alle kamers in je huis bezet zijn met kinderen gaat waarschijnlijk niet lukken. Laat je doel realistisch zijn en verwacht niet van jezelf dat je bergen kunt verzetten. Je stelt jezelf dan alleen maar teleur en raakt de motivatie al snel kwijt. Maak je doel ook tijdgebonden en splits je doel zo nodig op in kleine stapjes (hierover verderop meer) zodat je kunt zien of je je doel wel of niet gehaald hebt.

Stap 3: Als je een positief en SMART doel hebt, kun je kijken wat je nodig hebt om je doel te realiseren. Wat heb jij nodig om meer te gaan sporten, minder te gaan werken of stoppen met roken? Misschien vraag je iemand om je er aan te herinneren of heb je een maatje om het samen mee te doen. Je kunt elkaar dan scherp houden.

Stap 4: Als je met iets wilt stoppen, doe er dat iets voor in de plaats. Bij stoppen met roken kan het helpen om in plaats van te roken kauwgom te kauwen of een e-sigaret te nemen. Je doet dan nog steeds wel iets op de momenten dat je anders je ongewenste gewoonte zou doen en dat zorgt voor meer controle. Als je namelijk iets niet meer wilt, krijg je een leegte. Leegtes hebben de neiging zich op te gaan vullen met iets dat je niet wilt.

Stap 5: Nu je al goed over je doel nagedacht hebt en allerlei aspecten bekeken hebt, kun je kijken wat je al doet van je doel en welk eerstvolgende kleine stapje je kunt ondernemen.  Een doel kan heel groot lijken en daardoor onhaalbaar worden, maar als je het opdeelt in kleine stapjes maak je het jezelf een stuk gemakkelijker. Vaak ben je zelfs al begonnen en kijk dus ook eerst naar wat je al doet om je doel te halen.

Stap 6: Succesvolle sporters visualiseren hun wedstrijd of oefening en het applaus en de punten daarna. Het helpt je contact te maken met je gevoel hoe het zou zijn als. Doe in je gedachten zo vaak mogelijk alsof het al zo is en zie, ruik, voel proef en hoor hoe fijn dat is. Je krijgt er direct een goed gevoel van en het houdt je gemotiveerd om door te gaan!

Stap 7: Tot slot zorg je ervoor dat je niet stopt bij de eerste tegenslag. Terugval hoort erbij! Je kunt het beter bekijken als dat je het ‘even vergeten was’ in plaats van dat je hele doel mislukt is. Wellicht kun je iemand je supporter maken en hem of haar vragen je er aan te herinneren als je het even vergeten bent. Spreek daarvoor af wat diegene dan doet. Ook kun je zelf symptomen opschrijven die je bewust maken dat je van je doel afwijkt en dat je je weer om wilt draaien naar je eerstvolgende kleine stap.

En als je je doel behaald hebt?! Da plan je een feestje! Dat kan natuurlijk van alles zijn. Kijk vast waar je jezelf mee gaat belonen!

Het mysterie van water

Water is overal, in ons (zo’n 65% van ons lichaam) en om ons heen. Zonder water is er geen leven mogelijk. En toch weten we over het algemeen zo weinig van water.

Dr. Emoto heeft een prachtig onderzoek gedaan naar water. Hij heeft met foto’s laten zien dat water een geheugen heeft. Daarvoor heeft hij een methode ontwikkeld waarbij hij water aan een woord, of muziekstuk blootstelde. Het water wordt daarna ingevroren en bij het ontdooien kan er dan een foto gemaakt worden van de ijskristallen die er zijn ontstaan.

Hij kwam erachter dat mooie woorden als ‘dankbaarheid’ en ‘liefde’ zorgden voor prachtige zeshoekige kristallen en dat woorden als ‘haat’ en ‘kanker’ lelijke vormeloze en donkere vormen veroorzaakten in het water.  Ook klassieke en harmonieuze muziekstukken geven mooie symmetrische waterkristallen en muzieksoorten als heavy metal lelijke en donkere ‘kristallen’.

Dr. Emoto onderzocht ook water uit verschillende bronnen. Rivieren, waterbronnen en kraanwater op verschillende plekken. Ook daar zag hij grote verschillen tussen kraanwater waar bijvoorbeeld chloor door is gemengd en kraanwater dat zo natuurlijk mogelijk gezuiverd is. Bronwater direct uit de natuurlijke bron gaf ook erg mooie kristallen en rivieren die een natuurlijke onvervuilde loop hebben  zorgen ook voor prachtige foto’s. Rivieren of meren waar vervuiling in plaats vindt gaven kristallen die lijken op het water dat blootgesteld was aan de woorden ‘haat’ en ‘kanker’.

Kortom, gedachten, muziek en woorden hebben invloed op de kwaliteit van watermoleculen. Neem dan weer even in je gedachten dat je voor een heel groot deel uit water bestaat. Je kunt je dan vast voorstellen dat mooie en fijne woorden/gedachten/muziek/mensen en dieren je ook een goed gevoel geven. Als je je vooral omgeeft met  onharmonieuze muziek/mensen en woorden zal je lichaam en daarmee je onderbewustzijn daar ook op reageren.

Het mooie van dit te weten is dat je er rekening mee kunt houden. Je kunt bijvoorbeeld lief zijn voor dat wat je eet en drinkt, en liefdevolle gedachten voor jezelf en anderen hebben. Ook kun je een briefje met een mooi woord op je waterkan plakken of bijvoorbeeld deze prachtige waterkaarten eronder leggen.

In dit youtube filmpje zie je een aantal van de waterkristallen uit het onderzoek van Dr. Emoto.

Deze boeken heeft hij hierover geschreven: (klik op het plaatje voor meer informatie)

De Boodschap van water

Water weet het antwoord

Affirmaties

Wij zijn allemaal geboren met onze instincten en reflexen. Dat is heel handig, want zo weet je als baby al hoe je moet zuigen, zodat je melk kunt drinken. Ook zorgt het ervoor dat als je iets vastpakt wat te heet is, je hand wegtrekt en behoed je zo voor brandwonden.

Een andere eigenschap die wij vanzelf meekrijgen, is dat wij altijd op zoek zijn naar hoe het beter kan. Dat heeft ons lang in leven gehouden, want wij zijn slimmer dan de dieren die groter en gevaarlijker zijn dan wij. Daardoor hoeven we niet meer de hele dag op onze hoede te zijn. De ontwikkelingen zijn tegenwoordig natuurlijk al veel verder en we hebben steeds meer comfort en luxe waardoor we ons minder met de basisbehoeften bezig hoeven te houden. Eten koop je tegenwoordig gewoon in de supermarkt en water komt als vanzelf uit de kraan.

Toch is er bij de meesten van ons nog steeds dat verbeterende stemmetje actief. Meestal in een vorm waarbij je jezelf afkraakt. Een stemmetje dat vindt dat je het beter kunt en dus dat je het nu slecht doet. Dit kan om van  alles gaan. Van het koken van eten tot aan je studie of je werk. En als je dat stemmetje zijn gang laat gaan, en je zo nu en dan ook nog bevestiging krijgt uit je omgeving dat het stemmetje gelijk heeft, dan kun je een behoorlijk negatief beeld van jezelf krijgen.

Als je dit omdraait, is het natuurlijk ook zo dat als je positieve gedachten hebt, je een leuk beeld van jezelf krijgt. Wie wil dat nou niet?!?

Ik hoor je al denken, dat is makkelijk gezegd! En natuurlijk is het ook makkelijker gezegd dan gedaan. Je gedachtenpatronen heb je vaak al heel lang en wat al heel lang is ervaar je als veilig. Of het je nu helpt of juist niet, het is de bekende en dus veilige situatie.

Toch wil ik je uitdagen eens naar je gedachten te kijken en in ieder geval één positieve nieuwe gedachte toe te voegen! Een affirmatie. Een bekrachtiging van wat jij leuk/ mooi / positief vindt aan jezelf.

Wat belangrijk is aan de gedachte die je voor jezelf maakt, is dat hij positief geformuleerd is zonder ontkennende woorden: ‘ik ben een positieve vrouw/man’ in plaats van ‘ik ben niet negatief’.

Verder formuleer je de affirmatie alsof het al zo is:
‘ik hou van mezelf’ in plaats van  ‘ik wil van mezelf houden’

Een affirmatie herhaal je het liefst tientallen keren per dag voor jezelf. Vooral als je merkt dat je negatief denkt over jezelf, kun je deze positieve affirmatie er achteraan denken. Net wat vaker dan dat de negatieve gedachte door je hoofd ging. 
Let dus eens op wat je denkt over jezelf, ‘ik was te langzaam, ik heb het fout gedaan, ik ben een sukkel….’ Stop deze gedachten als je ze opmerkt deze gedachten en herhaal je affirmatie ‘ik ben goed zoals ik ben’.
Ook op momenten dat je even moet wachten of wanneer je bijvoorbeeld aan het sporten bent, kun je je positieve gedachte steeds herhalen.

Je zult merken dat je wereld door zo’n eenvoudige verandering een stuk zonniger wordt!
Veel plezier met je positieve gedachte!

Mocht je niet zo goed weten welke gedachte bij jou zou passen? Je kunt je vraag aan me voorleggen tijdens een volgende behandeling en dan kunnen we eens kijken wat er bij je past.

Verder is dit een zeer inspirerend boek over dit onderwerp!